De biecht van een echtgenoot

14 juni 2011 § Een reactie plaatsen

Als ik het me goed herinner heb ik hier weleens een lofzang op de bibliotheek geplaatst. Hierbij nog een reden om van de bibliotheek te houden. Het is niet alleen een plaats die de hobby van de veellezer betaalbaar maakt, het is ook een plaats waar je zonder al te veel risico boeken kunt oppakken waarvan je nog nooit gehoord hebt. Mocht je het boek niet leuk vinden, dan ben je alleen maar wat tijd kwijt.

Voordat ik De biecht van een echtgenoot in de bibliotheek zag staan, had ik nog nooit van Konstantin Leontjev gehoord. Om dat even goed te maken: Leontjev leefde in de tweede helft van de negentiende eeuw en was, zoals zo veel grote negentiende-eeuwse schrijvers, Rus. Volgens de achterplattekst is hij ‘een van de origineelste, maar ook een van de meest miskende auteurs van zijn tijd’. Daar wordt heel wat beloofd.

De novelle – het verhaal beslaat niet meer dan zeventig pagina’s – gaat over een man die een vrouw en haar dochter helpt door hen in zijn huis te laten logeren. Het meisje wordt als een dochter voor hem. Wanneer duidelijk wordt dat de moeder niet lang meer te leven heeft, besluit de man met het meisje te trouwen. Hij raakt haar met nog geen vinger aan, maar op deze manier kan hij er wel voor zorgen dat ze een toekomst heeft als zijn erfgename, en kan ze bij hem blijven wonen zonder dat er praatjes over hen rond gaan. Het is echter maar de vraag of hij er wel goed aan doet met haar te trouwen. In zijn dagboek beschrijft de echtgenoot de gebeurtenissen en zijn overwegingen.

Het verhaal was een beetje anders dan ik had verwacht (op grond van de titel had ik op z’n minst een moord verwacht), maar was wel interessant, en een stuk subtieler in plot dan ik me voorgesteld had. Door de dagboekvorm kom je heel precies te weten welke gedachten en overwegingen de echtgenoot leiden in zijn daden, en hoe hij zich langzaam realiseert dat hij het meisje misschien wel geen dienst heeft bewezen door met haar te trouwen. Hij bereikt er het tegenovergestelde mee van wat hij wilde bereiken.

Is Leontjev daarmee die grote onontdekte meester die hij volgens het verhaaltje op het achterplat zou zijn? Die vraag kun je niet beantwoorden na het lezen van één verhaal, en bovendien, er zijn zoveel briljante Russen. Miskend is hij wel, want al zullen maar weinig mensen van hem gehoord hebben, hij is meer dan de moeite van het lezen waard.

K. Leonthev, De biecht van een echtgenoot (2008). Uitgeverij Pegasus & Stichting Slavische Literatuur, ISBN: 9789061433231, 97 pagina’s.

De nachtwacht

12 juni 2011 § Een reactie plaatsen

Het is 1947, de Tweede Wereldoorlog is al een paar jaar afgelopen, maar in  Londen lopen mensen rond wiens leven nog steeds bepaald wordt door wat er toen is gebeurd. In De nachtwacht volgt Sarah Waters vier van hen. Door eerst hun leven in 1947 te beschrijven, daarna drie jaar terug te gaan, naar 1944, en in het laatste deel van het boek naar 1941, wordt steeds duidelijker wat deze mensen gemaakt heeft tot wie ze zijn.

Dit perspectief is één van de dingen die dit boek voor mij heel goed geslaagd maakten. Tijdens het lezen leer je de personages steeds beter kennen en kom je steeds dichter bij de kern die hun identiteit bepaalt. Er wordt weleens gezegd dat personages niet eendimensioneel maar gelaagd moeten zijn, en dat zijn deze personages door de opzet van het verhaal heel duidelijk.

Het zijn ook niet de geijkte personages, en hun problemen zijn niet de geijkte Tweede Wereldoorlogproblemen. De oorlog is een achtergrond waartegen hele persoonlijke problemen spelen. Het leven was bijvoorbeeld voor lesbiennes in de jaren veertig niet gemakkelijk. Je kon niet zomaar voor je geaardheid uitkomen. Wanneer je dan bang bent dat je geliefde door een bom getroffen zal worden, kun je er met niemand over praten.

Laat je dus niet afschrikken door het oorlogsverhaal (tenzij je daarvan houdt tenminste) en lees dit boek.

Sarah Waters, De nachtwacht (2006). Nijgh & Van Ditmar, ISBN: 903884435, 437 pagina’s.

Een blad in de wind

7 juni 2011 § Een reactie plaatsen

Helena Berger gaat als kind een veelbelovende toekomst tegemoet. Ze kan het nog ver schoppen als ballerina. Maar in plaats van een carriere als prima ballerina wordt ze de vaudeville ingesleurd. Een ongelukkig huwelijk volgt, en daarna: eenzaamheid. Een blad in de wind plaatst haar in een hotelkamer in Parijs waar ze haar leven overdenkt.

Voordat De grote zaal werd aangekondigd als het onderwerp van de Nederland Leest campagne van vorig jaar had ik nog nooit van Jacoba van Velde gehoord. Er was gemor over het onderwerp van het verhaal – het leven van een groep oude vrouwen in een verpleegtehuis – maar ik was onder de indruk van de schrijfster. De grote zaal is mijn favoriete Nederland Leest boek geworden. Toen ik Een blad in de wind in de kringloopwinkel zag staan, moest ik het boek hebben.

En? Is het goed? Dat is het zeker. Een blad in de wind is een uitstekend geschreven boek. Helena Bergers gevoelens en psychische problemen worden heel treffend beschreven. Ook in De grote zaal viel me al op dat Jacoba van Velde dit psychische aspect van verhalen vertellen heel goed beheerst. Wanneer je je bij haar boeken alleen maar op het fysieke onderwerp concentreert, op bijvoorbeeld de oude dames die aan het einde van hun leven staan en misschien binnenkort niet meer uit hun bed zullen kunnen komen, dan mis je waar het echt om gaat.

Kortom: Een blad in de wind, deze keer zonder bejaarden om je aandacht af te leiden van het verhaal.

Jacoba van Velde, Een blad in de wind (derde druk, 1975). Querido, ISBN: 9021419041, 157 pagina’s.

De miniatuurmeesteres

5 juni 2011 § Een reactie plaatsen

Ik had al gewaarschuwd (of beloofd, het is maar hoe je het bekijkt) dat er na Een schitterend gebrek meer historische romans zouden volgen. De miniatuurmeesteres is de eerste in dat rijtje, en had ik al in huis liggen, omdat ik het boek een paar maanden geleden gewonnen heb met een twitteractie.

De miniatuurmeesteres speelt in de zestiende eeuw, in Perzië. Soraya is haar vaders trots, en tegen alle normen in onderwijst hij haar in de schilderkunst. Wanneer hij overlijdt, huwelijkt haar familie Soraya uit. Ze wil haar vrijheid echter niet verliezen en besluit om weg te lopen, op zoek naar een plaats waar zij en haar schilderkunst wel gewaardeerd zullen worden.

Het boek bevat veel typische eigenschappen van een historische roman. Een aantal elementen deed me denken aan de boeken van Thea Beckman en Simone van der Vlugt, die ik toen ik jonger was veel las. Helaas valt die vergelijking wel in het nadeel van De miniatuurmeesteres uit. Zo is het verhaal niet erg natuurlijk opgebouwd, maar bestaat het uit een hele reeks etappes die Soraya een voor een doorloopt.

Ondanks dat het verhaal een hoog ‘en toen, en toen’ gehalte heeft, heb ik wel erg van De miniatuurmeesteres genoten. Als het boek beter geschreven zou zijn, zou het een aanrader kunnen zijn geweest. Nu is het vooral een leuk en gemakkelijk te lezen boek voor tussendoor.

Carolien Omidi, De miniatuurmeesteres (2011). Artemis & Co, ISBN: 9789047200949, 287 pagina’s.

Opwaaiende zomerjurken

2 juni 2011 § Een reactie plaatsen

In Opwaaiende zomerjurken beschrijft Oek de Jong verschillende zomers uit de jeugd en het verdere leven van een jongeman. Begeerte speelt een rol, niet alleen naar vrouwen, maar ook naar sublieme momenten, zoals zijn moeder en de buurvrouw op de fiets in hun opwaaiende zomerjurken. Momenten die, eenmaal in het verleden, voor altijd buiten zijn bereik zijn.

De verhalen zijn autobiografisch, wordt verderop in het boek gesuggereerd. De man heeft een verhaal over de eerste zomer van de opwaaiende zomerjurken gepubliceerd, maar niemand wil geloven dat hij het jongetje uit het verhaal is. Door het te beschrijven, ligt het verleden nog verder buiten zijn bereik, hij kan het niet meer als zijn eigendom claimen.

En dat alles wordt zo mooi beschreven dat, al zou ik het verhaal voor geen meter hebben kunnen volgen, ik het boek nog steeds met plezier uit zou hebben gelezen.

Oek de Jong, Opwaaiende zomerjurken (1979). Meulenhoff, ISBN: 9029005904, 271 pagina’s.

The beast in the jungle

29 mei 2011 § Een reactie plaatsen

De man weet het zeker, het noodlot ligt op hem te wachten, als een roofdier in de jungle, klaar om zijn prooi te bespringen. Het beheerst heel zijn leven, maar hij praat er nooit over. Totdat hij een vrouw ontmoet. Ze weet precies wat hem bezig houdt. Heeft hij er eerder in een onbewaakt moment met haar over gesproken? Door de jaren heen houden ze elkaar gezelschap, voeden ze elkaars angst, zijn ze samen eenzaam.

Vaak spreken ze over het noodlot, dat overal in kan schuilen. Is hij bijvoorbeeld haar noodlot geweest? Heeft hij haar geïnfecteerd met zijn angst en daarmee haar leven verwoest? Nooit spreken ze er met buitenstaanders over, en wanneer ze oud zijn geworden, durven ze zelfs naar elkaar niet meer al hun angsten uit te spreken.

The beast in the jungle is een beklemmend, haast tragisch verhaal, van twee mensen die, doordat ze zo gefixeerd zijn door het noodlot, hun hele leven passief aan zich voorbij laten gaan. Ze trouwen nooit, en hun gesprekken gaan allemaal over het zelfde onderwerp.

Henry James is niet de meest toegankelijke schrijver, en ik heb meer tijd aan dit boek moeten besteden dan normaal is voor een novelle van 75 pagina’s. Toch kan ik niet anders zeggen dan dat dit een sterk opgebouwd verhaal is, meer dan de moeite waard, al lees ik mijn volgende Henry James liever in vertaling.

Henry James, The beast in the jungle (2011). Penguin Books, ISBN: 9780141196008, 75 pagina’s.

Dan lees ik liever een boek

21 mei 2011 § Een reactie plaatsen

Kijk, ik ben geen filosofe. Maar ik lees af en toe een boek. Wat moet een mens anders doen – in z’n vitrine, in de vrieskou, in dat rode licht, als er Europees voetbal is op tv en geen kat op straat, of het is offerfeest of kerstavond, en alle venten zitten thuis om de dis hun normen en waarden te vieren bij eigen vrouw en kind? Jij zit daar maar, in je rode uppie, met je vingers te draaien. Wat doet een mens? Je leest een boek. Je moet wát. Je kunt niet naar íedere eenzame passant beginnen te knipogen. De mensen zijn snel boos tegenwoordig, zeker in een hoerenbuurt. Je kunt niet de hele tijd tegen je raam aan tikken. Ik ben geen roodborstje. Ik ben een hoer. Voor ík tegen mijn raam begin te tikken, tegenwoordig? Dan moet ik al zeker zijn van klandizie. En dan gebeurt het nog dat je een of andere gelovige beledigt, of een kwezel van de moderne gezondheidsgestapo. Ik wil maar zeggen: dan lees ik liever een boek.

Uit: Fort Europa, Tom Lanoye